Stap 1: onkruid eruit

Zoals eerder gezegd: aan onze tuin is lang niets gedaan en hij staat vol onkruid. Ik zie vooral heel veel distels, herderstasje, paardenbloem en gras. Al met al geen ongelooflijke problemen, ik wil alles er zoveel mogelijk uit halen en de wortel onkruiden, zoals de paardenbloem, graven we uit. Dan de frees erover en klaar!

Klinkt makkelijk niet?

We beginnen met het trekken van de distels, waar kunnen we die laten? Is hier ergens een afvalplek? We vragen het aan een mede tuinder die druk aan het spitten is: nee een afvalplek is er niet. Veel mensen hebben een compostbak, of zelfs twee.

Op onze tuin staat ook een bak, met veel grond erin en ik zie sporen van distels en nog veel meer onkruid, bramen etc. Niet iets wat ik weer over mijn tuin zou willen uitspreiden. Liever wil ik dat ding weg hebben, met alle ‘vuile’ grond, maar dat is iets voor later.

Er zit niets anders op dan de distels en uitgespitte paardenbloemen mee te nemen naar huis en ze daar weg te gooien.

Na een half uurtje werken en spitten, zitten alle 4 de kisten bommetje vol onkruid, er ligt zeker nog voor 4 kisten op de paden en we zijn nog niet op een kwart van de tuin… Oh jongens, dit wordt een klusje, en waar laten we het spul??

We proppen zoveel mogelijk in de kisten, zetten ze achterin de auto en gaan naar huis.

De dag daarna rij ik nog even met mijn tuutje langs, en vul de kisten weer, vriendlief is aan het werk dus ik sta in mijn eentje te spitten. De volle kisten passen niet in mijn tuutje en laat ik staan, scheelt mij ook een hoop zwaar gesjouw.

We besluiten een groot bouw zeil te halen en spreiden dat achterin de auto uit,  en nemen de kruiwagen mee. Vriendlief zet de kisten in de kruiwagen en leegt ze vervolgens in de auto. En loopt zo heel wat keertjes heen en weer.

Auto vol onkruid

Het weer is druilerig, het regent een beetje, de klei plakt aan je laarzen en je glibbert over de paden. Terwijl het lijkt alsof je met ongelijke plateauzolen loopt. Echt romantisch en lieflijk is het niet 😉

Maar kop op: we zijn nu allebei vrij in deze drukke periode, aanpakken en door gaan!

Precies na de middagpauze melden we ons bij milieustraat in het dorp en laten we al het onkruid bij hun achter.  We hadden nog wat vrije kilo’s en komen er zo mooi vanaf.

Volgens m’n slimme horloge was het een flinke work out, en dat voel ik de dagen daarna ook nog zo!

Het begin…

Een moestuin, das echt heeeel veel werk hoor! Dat is wat ik om me heen hoorde toen ik mensen vertelde dat we een volkstuin hadden genomen.

Maar hoe kom je er nou op om een moestuin te nemen?

Het begint met de nieuwe hobby van vriendlief: bier brouwen. Om precies te zijn: zijn eigen bier brouwen van start af aan. De zolder wordt omgebouwd tot brouw ruimte waar je ook gezellig kan zitten en de jacht op de perfecte ketel en andere benodigdheden wordt geopend.

En zo zitten we op de bank en krijgen we het over hop, vriendlief vertelt enthousiast over een kennis die ook brouwt en heel veel hop in zijn tuin heeft staan. Eigen hop is gunstig, het is goedkoper en doordat het ergens groeit krijgt het een specifieke smaak mee van die plek. Ik snap hem helemaal, maar hop is een plant die flink kan woekeren als hij de ruimte krijgt en mega hoog wordt. Ik kijk naar onze achtertuin en de conclusie is: vol. En ik zie het niet zo zitten om draden te spannen over mijn tuin heen , vol met hop. Het is een mooie plant, maar er zijn grenzen.

Dus ik denk aan: een volkstuin! Daar kan je mooi je hop in kwijt, en kan ik nog wat gezellige groentes laten groeien.

Op internet kom ik op de site van de plaatselijke volkstuin vereniging terecht en besluit er een mail aan te wagen, waarin ik vertel wat waar we naar op zoek zijn. En dat we hop willen telen, dit een zeer hoog gewas is (het kan 5-7 meter worden) en ik daarbij graag nog wat gezellige groentes wil verbouwen.

Ik mail wat heen en weer met de beheerder en ze hebben nog ruimte. We moeten alleen wel rekening houden met de schaduw die de hop het werpt, zodat we andere tuinders niet daarmee in de weg zitten, klinkt goed!

Vriendlief is nog nooit op het volkstuincomplex geweest, dus dezelfde middag stappen we in de auto en rijden er heen.

Op het volkstuincomplex is het een drukte van belang: de jaarlijkse mest is gearriveerd en ligt te dampen op de parkeerplaats. Overal is men druk bezig met kruien en het verspreiden. We zien leerlingen van een basisschool die daar hun ‘buiten lokaal’ hebben en lopen een rondje langs de tuintjes.

Als we bijna klaar zijn spreekt een man ons aan: “zo aan het rondkijken?” “Ja” zeg ik en ik geef een korte versie van het verhaal hierboven. “Ah dan ben jij Annemiek!”. “Euh ja”, ik krijg een hand en het blijkt de beheerder te zijn, waar ik die ochtend mee gemaild heb! Komt dat even mooi uit! Hij heeft een lijstje bij zich van alle tuinen die vrij komen en we beginnen aan een spontane privé rondleiding.

We zien een tuin die ons wel bevalt, er is al een tijd niets aan gebeurd, staat vol onkruid en heeft een vervallen schuurtje, wat rot is en eraf moet. Maar de ligging is gunstig voor ons en de hop. De tuin is 1,5 are, oftewel 150 m2. ’s Avonds hakken we de knoop door en stuur ik een mail aan de beheerder: we hebben officieel een tuin!

En nu kan het echt gaan beginnen!

De tuin zoals we hem tijdens de bezichtiging aantroffen